Kevn Kinney | er is weinig veranderd maar ik heb veel geleerd

In het begin van de jaren negentig hing ik samen met mijn broer veel rond in de Nederlandse concertzalen. De ene keer gingen we gericht naar een van onze favoriete bands en de andere keer op de bonnefooi omdat de aankondiging in de muziekbladen onze nieuwsgierigheid prikkelde. In 1991 gingen we samen naar een, “we zien wel waar het schip strandt, als er maar bier is” concert in ons eigen Burgerweeshuis in Deventer. We konden te voet heen en weer. Een Amerikaanse roots-rockband met de vreemde naam Drivin´ N Cryin´ kon de zaal slechts voor een kwart gevuld krijgen. Maar de band, de composities, de energie en de bijzondere stem van frontman Kevn Kinney hebben mij vanaf dat moment nooit meer losgelaten. Kevn Kinney werd de basis van mijn verdere muzikale speurtocht. Sterker nog: mijn held.

Persfoto: Kevn Kinney

Toen ik in 2004 mijn eigen muziekcafé startte in Deventer kwam de toenmalige programmeur van het Burgerweeshuis met gezonde regelmaat een biertje drinken. We kwamen aan de praat over de muzikanten waarvan ik foto’s aan de muur van mijn café had getimmerd.

Kevn Kinney | Aaron Lee Tasjan | Tim Easton in Muziekcafé Backstage Deventer. Foto: Eddy Dibbink

Kevn Kinney die er uiteraard ook tussen hing kon hij niet thuisbrengen, dus vertelde ik mijn verhaal. Nog geen twee weken later mocht ik hem weer een biertje inschenken. Hij had Kevn Kinney aangeboden gekregen voor zijn podium, maar stelde voor om het concert naar mijn café te verplaatsen. Het biertje was natuurlijk van de zaak. Kevn Kinney kwam, zag en overwon in het overvolle café. Mijn held op mijn podium en na de show napraten met een goed glas whisky. Ik was de koning te rijk. De volgende ochtend ging al vroeg de deurbel. Voor mij stond Kevn Kinney met in zijn linkerhand een grote vuilniszak, op zoek naar de wasserette in Deventer. Een stomerij had onze Hanzestad wel, maar een wasserij niet. Nog geen 10 minuten later stond ik voor mijn wasmachine met de vieze sokken en de onderbroeken van mij held.  Superhelden moeten blijkbaar ook gewoon de was doen. Nee, ik heb er écht niet aan geroken en echt alles weer schoon en gestreken teruggegeven.

Kevn keerde nog drie keer terug naar het kleine café in Deventer. Al zijn shows waren bijzonder, divers, intiem, melancholisch en hartverwarmend. Op het album ´Comin´round again´ van Kevn Kinney´s S.T.A.R. uit 2006 staat het prachtige nummer ´Blues on top of Blues´. Een geweldige titel voor een blueskrant.

Talking Blues

Kevn Kinney mag dan misschien geen echte bluesmuzikant zijn, toch heeft hij in de afgelopen 30 jaar op meer dan 20 albums zijn blues laten spreken. In de catacomben van de Metropool in Hengelo waar Kevn deze avond speelt op het Heartland festival met zijn band Drivin’ N Cryin’, blijkt dat we meer gemeen hebben dan we dachten. In zijn hand heeft Kevn een editie Dé Blueskrant en is zichtbaar verguld met de naam die wij de krant gegeven hebben. Hij moet meteen denken aan de tijd dat hij een ondergrondse krant uitbracht. “Toen ik 15 was maakte ik op mijn opa’s stencilmachine pamfletten met informatie over mijn favoriete bands, ik noemde het “The Sheet”. Meer was het ook niet, een dubbelgevouwen A4 met eigen geschreven album recensies en nep advertenties, een soort fanzine. Het hing van mijn huiswerk af of ik één keer in de week of eens per twee weken uitkwam. Ik bleef schrijven en kwam bij Impuls magazine terecht. Dat bleken louche jongens uit het drugscircuit, uiteindelijk maakte de FBI een eind aan onze werkzaamheden. Daarna startte ik de ondergrondse krant X-press en mocht Muddy Waters interviewen. We zaten samen in zijn tourbus en vroeg aan hem hoe het voelde om de grootste bluesmuzikant van Chicago te zijn. Hij keek mij fronsend aan en zijn tourmanager pakte me bij kop en kont en zette me uit de bus. Waarschijnlijk het enige interview waarin Muddy nooit gesproken heeft. Daarna ben ik maar roadie geworden, zo startte mijn muzikale carrière.”

Geloofwaardig verhaal

Kevn komt uit Milwaukee Wisconsin, niet ver van Chicago en zag in zijn jeugd alle grote bluesartiesten spelen. “Ik zag de echte bluesmannen heen en weer rijden van en naar hun show, ze speelden 3 uur aan een stuk voor honderd dollar. Daar moesten ze van leven. In het weekend verdiende ze hun geld in Chicago, maar doordeweeks waren ze bij ons in Milwaukee aan het drinken, zingen en plezier maken. Alle Taylor’s waren daar, Koko Taylor, Hound Dog Taylor maar ook Junior Wells en Buddy Guy. De slechte blues kwam vooral van witte muzikanten. Het is niet moeilijk om de bluesriffs te spelen, maar wel moeilijk om het echt te laten klinken.. Wanneer een zwarte bluesartiest zingt; ‘Got my mojo workin’, klinkt dat toch anders dan wanneer een Nederlandse muzikant uit Hengelo dat zingt.

Foto: Eddy Dibbink

Het moet een geloofwaardig verhaal zijn. Bukka White, Leadbelly, Howlin’ Wolf en Magic Sam dat waren de echte blues vertolkers. Ik kan nummers van hen nooit spelen zoals zij ooit gedaan hebben, daar is geen enkele verkooptruc voor. Er is ook maar één Led Zeppelin. Alleen Zeppelin kan Zeppelin spelen. Als jij een nummer van Drivin’ N Cryin’ speelt wordt het een cover van Drivin’ n’ Cryin’. Je kopieert een band of muzikant. Er zijn zelfs momenten dat ik niet eens speel of zing zoals Kevn Kinney, kan je nagaan hoe moeilijk het is.” Ook al is Kevn Kinney geboren en getogen onder de rook van bluesmetropool Chicago, zijn blues voorkeur komt van overzee. “Ook al zag ik veel zwarte bluesmuzikanten spelen, mijn blues is toch de blues van The Yardbirds, Robin Trower en Cream. Ik groeide op in de jaren zeventig tussen de hippies, dat waren de koele gasten die rondhingen bij de platenwinkels. Zo ontdekte ik de Engelse blues. John Mayall’s Bluesbreakers probeerde Chicago blues te spelen. Een goedbedoelde poging, maar ze kwamen niet in de buurt. Zij vonden echter wel een nieuw genre uit, een nieuwe sound. Daarnaast ontstond er ook nog een Zappa-achtige blues stroming met bands als Captain Beefheart. Fashionata blues met een eigen geluid. Evolutie van de blues zouden we het kunnen noemen.”

Op een hoop

Foto: Eddy Dibbink

Titels zoals: Midwestern Blues, MacDougal Blues en No Blues suggereren dat Kinney de blues een warm hart toedraagt.“Echt veel blues heb ik nooit gespeeld. Het nummer ‘When you come back’ uit 1993 is waarschijnlijk het enige echte bluesnummer dat ik gemaakt heb. Ik speelde dat met Eddie Kirkland op mondharmonica. Een fantastische bluesmuzikant die in de jaren zestig met John Lee Hooker toerde. Hij overleed op 87-jarige leeftijd in 2011. De blues is jouw verhaal vertellen, in welke vorm dan ook, net als folk en country. Ik durf de uitdaging wel aan om al die stijlen op een hoop te gooien. Johnny Cash was waarschijnlijk de beste blanke blueszanger. Hij heeft net als de country-folkzangers George Jones en Willie Nelson, echt zijn verhaal verteld. Folkmuziek geeft je een kijkje in de cultuur van een land of streek. Reggae is ook een vorm van folkmuziek. Bob Marley & the Wailers is een folkband, net als The Ramones. Zij brachten muziek van de straat vanuit hun eigen cultuur, eerlijk en zonder blad voor de mond. “

Kids in the basement

De gepassioneerde songwriter heeft een enorme dosis zelfspot, is gek op kaas en practical jokes. Hij heeft zijn jeugdige bravoure, zijn melancholie, oprechtheid en veelzijdig vakmanschap weten vast te leggen op meer dan 20 albums over de afgelopen 30 jaar. “Mijn soloalbums zijn voornamelijk autobiografisch, daarop hoor je de echte Kevn Kinney. Alles wat ik meemaak, zie of hoor, is inspiratie voor me. De albums die ik met S.T.A.R.  [Red: Sun Tangled Angel Revival] gemaakt heb zijn meer psychedelische gospelalbums geënt op de jaren zestig. In feite is het nummer Blues on top of Blues ook een Gospel. Drivin’ N Cryin’ is mijn garageband waarmee we vooral plezier maken, een soort alter ego waarin ik geen Kevn Kinney hoef te zijn. Krachtig, met priemende solo’s. Kids in the basement. Dat is waarschijnlijk de kracht van Rock & Roll denk ik.

Toen we startten met Drivin’ N Cryin’ hadden we niet gedacht dat we lange afstandlopers zouden worden, meer mannen van de korte sprint. Maar nu ik gestopt ben met roken, ga ik voor de marathon”, vervolgt Kevn zijn relaas lachend. “Ik weet nog dat ik bij jou in je café speelde en ik was zo slecht te pas en had last van mijn stem. Op een gegeven moment werd mijn stem steeds slechter, waardoor ik shows en interviews moest cancelen om mijn stem te sparen maar het werd almaar erger. Ik klonk als Marlon Brando in The Godfather, dat moet je je nog wel herinneren. Ik bleek een tumor op mijn stembanden te hebben en moest daar aan geopereerd worden. Gelukkig kreeg ik mijn stem weer terug, dus mijn carrière had ook eerder afgelopen kunnen zijn.”

Jeugdige blik

Drivin’ N Cryin’ heeft in hun lange carrière nooit de een wereldwijde status bereikt van iconische rockband. Toch heeft de muziekwereld iconen nodig zoals de 58-jarige Kevn Kinney, want anders worden er nooit meer van die fantastische albums gemaakt als Live The Life Beautiful uit 2019. Deze 18e release bevat alle kenmerken van het vakmanschap dat Drivin’ N Cryin’ misschien dit keer wel tot een iconische rockband gaat maken. Door de littekens heen die het zware werk met zich meebrengt hoor je de passie, de romantiek, de kracht, het verlangen, de pijn en de hoop die alle hoogte- en dieptepunten van ruim dertig jaar ‘on the road’ met elkaar verbindt. De laatste jaren werkte Kevn Kinney naast zijn vaste ritmesectie, bassist Tim Nielsen en drummer Dave V. Johnson, met diverse gitaristen, waaronder Warren E. Hodges, Sadler Vaden en Aaron Lee Tasjan. In Nederland is hij de laatste jaren regelmatig te zien met Tim Knol aan zijn zijde. Met een aantal EP’s en enkele remasters, uitgebracht tussen 2012 en 2018, wist Kevn Kinney de hoop op een nieuw Drivin’ N Cryin’ album levend te houden.

“Eigenlijk ben ik erg weg van het concept van de EP. Korte albums met de daarbij behorende korte tijd van schrijven en opnemen. Een soort van ad hoc proces. Een album met er wel toe doen en om dat te kunnen realiseren heb je tijd nodig en bovenal moet alles op zijn plaats vallen. Dat was eindelijk weer eens het geval. Sinds we voormalig Sturgill Simpson gitarist Laur Joamets in de gelederen hebben, staan we weer veel op het podium en klinken we echt geweldig. Daar krijg ik energie en inspiratie van. Aaron Lee Tasjan wilde graag onze plaat produceren en toen wist ik dat ik dit moment in de tijd moest vastleggen. Aaron Lee Tasjan is een grootheid geworden, hij heeft fantastische en artistiek hoogstaande albums gemaakt, Americana van zeer hoog niveau. Ik hoor er zoveel muziek in die ik mooi vind zoals Jason Isbell en Chuck Prophet, maar ook de powerpop van Big Star, het zit er in.”

Als fervent muziekverzamelaar weet Kevn waar hij het over heeft en vertelt enthousiast verder. “Ik heb in mijn carrière ontzettend veel goede muzikanten en producers ontmoet, maar voor dit album wist ik me te omringen met deze jonge mensen, die de muziek anders benaderen, met een jeugdige blik. Laur en Aaron Lee zijn rond de dertig jaar, jong van geest en muzikaal zeer goed onderlegd. Die jonge generatie ratelt zonder blikken of blozen 30 namen op van bands of artiesten waar ik nooit van gehoord heb. Ik was laatst met Tim Knol in een platenwinkel in Amsterdam en ik kocht op zijn aanraden een aantal albums van geweldige jonge Nederlandse bands in diverse stijlen. Het waren allemaal aangename verrassingen. John Lennon was ook van die leeftijd toen hij een echte avant-gardist werd, hij zocht ook nieuwe wegen. Ik vind dat wanneer er een klik is met iemand leeftijd er niet toe doet, maar deze jongelingen brengen wel iets nieuws aan de tafel. Als je de dingen niet uit handen durft te geven of niet durft te vertrouwen op een ander, dan blijf je hangen in de tijd. Ik kan meer van hen leren dan andersom.”

Inwisselbaar

Als je eenmaal gegrepen wordt door Kevn zijn raspende stem en zijn prachtige verhalen, over zijn leven, de stad, vergane glorie, het weidse Amerika, de industrie of de liefde, koop je blindelings zijn volgende album. Reflecties van Bob Dylan hoor je door heel het oeuvre van Kevn heen, “hij is mijn favoriete songwriter”, vervolgt Kevn zijn betoog. “Ik houd van zijn zogenaamde ‘beat poetry’ of ‘talking blues’ zoals Townes van Zandt, en Woody Guthrie dat ook deden. Wat ik van Dylan heb geleerd is dat ik mezelf niet hoef te forceren om een bridge in een nummer te maken, maar om het simpel te houden. Dylan verandert soms niet eens van akkoord en toch blijft zijn verhaal overeind staan.”

Geen hogere wiskunde

Kevn Kinney weet altijd te raken, zelfs op zijn krakende rockers die ook op Live The Life Beautiful voor een aangenaam contrast zorgen. “Soms is een goed rocknummer niet meer of minder dan een goed rocknummer en dat kan net zo fijn zijn. AC/DC is er groot mee geworden. Er is geen gouden regel als het gaat om mijn songwriting, in eerste instantie maak ik muziek omdat ik het vooral leuk vind voor mezelf. Ik vertel het verhaal eerst aan mezelf en als andere mensen het mooi vinden is dat mooi meegenomen. Sinds het eerste album Scarred But Smarter uit 1986 doe ik het op deze manier en daar komt geen hogere wiskunde bij kijken. De Kevn Kinney show en de Drivin’ N Cryin’ show verschillen van elkaar, maar het schrijfproces niet. Alles wat ik heb geschreven voor mijn soloalbums is net zo goed te gebruiken voor een Drivin’ N Cryin’ album en andersom. Sometimes I Wish I Didn’t Care is zo’n nummer, dat op mijn album Comin’ Round Again uit 2006 staat. Een nummer waar Laur, en Aaron Lee niet of nauwelijks kennis mee hadden gemaakt. Ik vond het interessant om te horen wat zij met het nummer zouden doen en we namen het opnieuw op. Dat zijn uitdagingen waar ik enorm van houd.

Veel van mijn teksten zijn ook inwisselbaar, als ik vraag Why Don’t You Love Me, kan ik dat aan jou vragen, aan mezelf, aan de industrie of mijn eigen regering. Mijn beste nummers kunnen op zijn minst op twee of drie manieren worden geïnterpreteerd, wanneer het op meerdere manieren blijkt te kunnen dan ben ik boven mezelf uitgestegen”, lachend maakt Kevn zijn verhaal af. “Fly Me Courageous van het gelijknamige album uit 1991 is een geweldig nummer maar ik weet zelf ook niet wat de betekenis van het nummer is. Het past zich aan de ontwikkelingen in de wereld. Na de aanslagen op 11 september 2001 heeft het een andere lading gekregen en als racisme en uitsluiting de kop opsteken in het debat dan krijgt het nummer weer een andere vorm. Het hangt ervan af wie er naar luistert en op welk moment. Ik gebruik in mijn teksten nooit de namen van prominente vertegenwoordigers van een land, eigenlijk noem ik niemand bij naam, want over 30 jaar weet niemand meer over wie het gaat, is het niet meer relevant of heb je je ideeën of mening gewijzigd.”

Interessante samenwerkingen

Foto: Nineke Loedeman

Kevn houdt van verandering, uitdagingen en vernieuwing in zijn muziek en is niet bang om met de vaste ingrediënten een volledig ander, maar overheerlijk gerecht te serveren. Ook na 35 jaar is Kevn vastbesloten om de wereld te blijven voorzien van zijn muziek en zijn verhalen. “Natuurlijk wil ik graag zoveel mogelijk albums uitbrengen als mogelijk is maar ik benader het wel anders dan voorheen. Niet dat mijn schrijfwijze nu enorm is veranderd maar ik heb wel één en ander geleerd en ontdekt in de afgelopen decennia. De reden waarom ik een album maak is echter wél verandert. Het is meer het vastleggen van mijn muziek zoals dat vroeger in de jazzwereld werd gedaan. Het documenteren van interessante samenwerkingen, waardoor je gaat luisteren zoals ik naar een album van Miles Davis en Ron Carter luister. Godzijdank, dat die samenwerking is vastgelegd. Vroeger maakte je een album voor het hier en nu en was de beleving anders. Je kocht een elpee en moest er moeite voor doen om hem te bemachtigen.

Als het album uitverkocht was, dan hield het op en moest je op een volgende release wachten. In deze digitale tijden maak je ook muziek voor alle generaties die nog komen gaan, het blijft dus altijd bestaan. In 2038 hoop ik dat er een nieuwe generatie is die benieuwd is wat, en met welke muzikanten, Drivin’ N Cryin’ in 2019 speelde.”

Kevn neemt je keer op keer mee naar de meest adembenemende plekken van Amerika, waar geloof, hoop, pijn, verdriet, liefde en geluk diepe sporen hebben nagelaten in het landschap. In 2020 en 2021 bracht Drivin’ N Cryin’ twee prachtige livealbums uit die de power, de energie en het vakmanschap van de band op de juiste wijze weten te schetsen.

In de documentaire: ‘Scarred but Smarter / Life n times of Drivin’ N Cryin’ uit 2014 krijg je een prachtig beeld van Kevn Kinney en zijn band.

Tour Kevn Kinney April 2022

Woe: 13 April Paradiso -Tolhuistuin – Amsterdam

Do: 14 April Eureka – Zwolle

Vrij: 15 April Blue Heart Festival Podium Victorie – Alkmaar

Zat: 16 April Heartland Festival Metropool – Hengelo

Door: Marijn Ooijman

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.